Talk & Table met Edwin Winkels.
Ik leerde freelance journalist en schrijver Edwin Winkels
kennen tijdens een promotieavond van de Generalitát Catalunya. Ik kende hem al
eerder van de avondetappe, zij het alleen via het TV scherm. Winkels vertelde
con brio over Groot Barcelona, een regio waar hij zelf ook al meer dan 30 jaar
woont en werkt voor zowel Nederlandse TV en kranten als El Periódico, een
heerlijke Catalaanse krant. Winkels is een veelzijdige man. Van zijn hand
verschenen romans, boeken over de grote voetballer Johan Cruijff en een
reisgids voor Catalonië. Binnenkort verschijnt zijn nieuwe roman. Edwin Winkels
schroomt er ook niet voor om in het Spaans te schrijven, een flink robbertje te
fietsen en op pad te gaan door de wijngaarden van de Penedès. Een uitgelezen
gast dus voor mijn serie Talk & Table. Edwin is in goed gezelschap.Ik wil
alles van hem weten en beloon deze veelzijdige man dan met een speciaal recept
en met een bijpassende wijntip.
Wie is Edwin Winkels. Vertel eens iets over jezelf?
Ha, da’s altijd moeilijk, hè, over jezelf vertellen… Al op
de middelbare school wist ik dat ik journalist wilde worden en na een studie
aan de School voor de Journalistiek in Utrecht ben ik dat ook mijn hele leven geweest.
In 1988, toen ik 26 was, ben ik vanwege de liefde naar Barcelona geëmigreerd,
dus ik woon hier inmiddels 30 jaar. Hier zijn ook mijn twee kinderen geboren en
opgegroeid. De laatste jaren, vooral sinds ik na 21 jaar ontslag nam bij El
Periódico, leg ik me meer toe op het schrijven van boeken. Dat doe ik vanuit
mijn woonplaats, Sitges.
Wat doe je op dit moment? Wat houd je bezig?
Ik ben bezig met de afronding van mijn vierde roman, ‘En ze
deed het’, die in mei moet verschijnen. Daarnaast blijf ik bezig met mijn
journalistieke werk, vooral voor het AD, waarvoor ik correspondent in Spanje
ben. Het laatste jaar is het druk, wat dat betreft, met de aanslagen in
Barcelona en het zich voorslepende conflict over de onafhankelijkheid van
Catalonië.
Vertel eens iets over je Catalaanse leven? Hoe ervaar jij de
verschillen in ritme?
Dit ís mijn ritme, ik vind het heerlijk, zeker nu ik voor
mezelf werk en min of meer baas over mijn eigen tijd ben. ’s Morgens schrijf ik
meestal en/of fiets ik twee tot drie uur op mijn racefiets in de prachtige
heuvelachtige omgeving en door de wijngaarden van de Penedès. Rond twee uur hebben
we de (warme) lunch, de belangrijkste maaltijd van de dag, die ik zelfs meestal
bereid en de dag ook mooi breekt. En daarna is er nog alle tijd te over, tot
een uur of negen ’s avonds, het lichte diner. De dagen lijken langer hier dan
in Nederland, en de middag en begin van de avond kun je nog heel veel dingen
doen; ook weer schrijven, vaak, maar ook van het leven genieten, met een
biertje of wijntje op een terrasje in het dorp.
Je deed vorig jaar verslag van de aanslag op de Ramblas en
nu is ook Barcelona weer toneel van groot nieuws door het streven naar
afscheiding van Spanje. Hoe sta jij daar in?
Opvallend is dat de politieke crisis eigenlijk meer impact
heeft gehad dan de 14 doden en 100 gewonden op de Rambla. Aanslagen heb ik al
vaker moeten verslaan, maar deze kwam natuurlijk heel dichtbij. Dan probeer je
als journalist en correspondent gewoon de mensen zo goed mogelijk te
informeren. Net als alle berichtgeving over dat onafhankelijkheidsstreven van
de Catalanen. Ik begrijp ze, ik spreek vloeiend Catalaans en hou van het land,
maar ik ben geen voorstander van het creëren van nieuwe grenzen en landen –
binnen Catalonië zelf heeft de hele strijd al voor een enorme tweespalt
gezorgd. De politiek moet proberen binnen Spanje (wat eigenlijk geen land is,
maar veel verschillende volken op hetzelfde schiereiland) een vergaande
autonomie voor Catalonië te scheppen, die voor een groot deel al bestaat,
trouwens.
Wat zou je doen als je één keuze had tussen schrijven en een
ander beroep? Wat was je dan geworden? Geen compromis mogelijk.
Mijn andere grote passie is koken; dat is vooral hier in
Spanje ontstaan, omdat de keuken voor mij een openbaring was toen ik hier kwam
en, vooral dankzij de vele hoeveelheid en variëteit in vis, toen veel
veelzijdiger was dan in Nederland. Dus heb ik wel eens de droom gehad een
restaurantje te hebben, maar aan de andere kant vind ik koken juist zo leuk
omdat het een hobby is; als beroep lijkt het me toch uiterst zwaar, en misschien
zou ik dan het plezier erin verloren zou hebben.
Je kunt jou met recht een homo universalis noemen, van sport
tot romans schrijven. Van reizen tot calçots een echte storyteller. Hoe doe je dat?
Het is het enige wat ik kan, zeg ik altijd. Schrijven,
verhalen vertellen, vooral van en over anderen. En ik ben altijd heel
nieuwsgierig geweest. Wat dat betreft is de journalistiek het beste voor me
geweest. Maar met de leeftijd (ik ben nu 55) wilde ik ook wel die ‘andere’ kant
van het schrijven ontdekken, minder de dagelijkse gekte, mee op de lange
termijn, romans en non-fictieboeken. Je kunt schrijven wel leren, maar als ik
soms oude verhalen van mezelf teruglees toen ik twintig was weet ik zeker dat
ik er ook gewoon talent voor had.
Wat is minst aantrekkelijke kant van het schrijven van een
boek voor jou?
Het zijn heel, heel veel uren. Momenten van twijfels ook,
onzekerheid of je goed bezig bent. Een jaar of langer aan een roman werken,
daar moet je geduld voor hebben, en jezelf kunnen pijnigen. En qua verdiensten
krijg je die geïnvesteerde tijd nooit meer terug; althans ik niet, omdat mijn
romans tot nu toe geen bestsellers zijn geweest.
En wat is de meest aantrekkelijke kant van het schrijven van
een boek voor jou?
Het plezier van een verhaal grotendeels of volledig
verzinnen, zoals een roman, of het interessante verhaal van en over een
bepaalde persoon, zoals Johan Cruijff, of gebeurtenis opschrijven. Omdat ik ook
veel research doe, leer ik zelf ook heel veel van mijn eigen boeken. En ja, dan
het gedrukte boek eindelijk in je handen hebben of in de winkels zien liggen,
dat blijft een prachtig moment.
Staan er nog andere projecten op stapel?
Ik denk niet zo op de lange termijn. Als de nieuwe roman uit
is, ga ik pas echt denken aan wat ik daarna zal of wil doen. Misschien eens
iets met food?
Wat vind jij een goddelijke maaltijd?
Zóveel… Maar ik zei het al: vooral vis. Eentje van de
Catalaanse kust dan maar, een suquet of een romesco de peix… Een heerlijke
schotel met bijvoorbeeld zeeduivel, kokkels en garnalen, een zelfgetrokken
visbouillon, een scheut witte wijn en een ‘picada’ van knoflook, amandelen en
peterselie… Zelf doe ik er dan ook graag een paar pepertjes in.
En natuurlijk welke wijnen, ik weet dat één keuze niet
mogelijk is?
Bij een visgerecht blijft een albariño uit Galicië mijn
favoriet, maar uit dezelfde regio komt ook de bijzondere en in Nederland minder
bekende godello-druif, uit de kleine wijnstreek Valdeorras. En voor rood blijf
ik ook in die noordwesthoek van Spanje, in de allermooiste wijnstreek die er
bestaat: de Ribeira Sacra. Daar liggen de ranken op enorm steile hellingen aan
de Miño-rivier, er kan alleen met de hand worden geplukt, en de mencía-druif
krijgt er nóg meer allure door. Die wijnen zijn trouwens moeilijk te krijgen,
ze gaan bijna allemaal direct naar restaurants over de hele wereld.
Wat lust je echt niet en waarom niet?
Iets heel geks, want ik woon in Spanje: olijven… Het lukt me
maar niet ze te eten, terwijl ik alle soorten extra verge olijfolieën goddelijk
vind. Ik weet niet waarom, de smaak van de olijf zelf, als ik er in een salade
toevallig een binnenkrijg, doet me altijd huiveren.
Waarheen ga je het liefst naar op reis? Ik zie regelmatig
schrijftripjes naar Menorca, maar wat als je niet in heerlijk Sitges woonde?
Ik hoef eigenlijk Spanje niet uit, zo’n groot en veelzijdig
land is dat. Ik moet nodig weer eens naar Cabo de Gata, de zuidoostpunt,
vrijwel verlaten, zonder massatoerisme, tussen de woestijnen en piepkleine
dorpjes… Of het andere uiterste, de bergen van de Picos de Europa in het
noorden. En buiten Spanje was twee jaar terug Thailand een ontdekking voor me;
prachtige natuur, aardige mensen en natuurlijk waanzinnig goed eten. De straattentjes
in het Chinatown van Bangkok, een fascinerend gebeuren.
Tot slot je nieuwe roman, ik las dat die roman het relaas is
van 16 jaar lange en een heftige relatie tussen man en vrouw, die door een
plotselinge gebeurtenis op zijn kop wordt gezet. Een heel andere Edwin, kun je
een tipje van de sluier oplichten?
Het idee komt uit vele bezoeken aan een oncologische
afdeling, alweer lang geleden, toen ik zag hoeveel mannen hun vrouw verlaten
wanneer die ernstig ziek wordt. Dus ik dacht: wat brengt een man daartoe, waar
is de liefde geëindigd dat je zo’n stap kunt zetten, vertrekken terwijl je
vrouw voor haar leven vecht. En ik ga daarna een stap verder: wat kan het
antwoord van die vrouw zijn als ze herstelt… Wraak? Of juist nog meer liefde?
En er wordt natuurlijk weer gereisd, in de roman, vanuit Amsterdam, waar het
verhaal begint in de tent van de Levende Jukebox op De Parade, naar Nepal en
Kreta, onder anderen…
Het recept voor Edwin.
Gereons Keuken Thuis heeft genoten van de antwoorden van Edwin en zoals altijd in mijn serie Talk & Table, bedacht ik voor hem een recept. Het buitenleven begint te lonken. Dat zal in Catalonië zeker nu al het geval zijn. Ik kies dus, bij gebrek aan calçots in Nederland, voor een gerechtje van geblakerde preitjes met gegrilde eendenborst en bonbons van eendenlever in een omhulsel van peterselie, knoflook en amandel. De ingrediënten van picada. Het is weliswaar nog ochtend, maar ik proef het nu al. Anec rostit amb porro ennegrit. Omdat Edwin van Spaanse wijnen houdt kies ik voor rood uit de streek van Valencia, bio en gemaakt door een gepassioneerde Nederlandse wijnmaker. Een Neleman reserva monastrell-tempranillo 2013. Een jaar op hout gerijpt en twee jaar op fles. Geeft juist dat extra zetje aan deze wijn. Pepermunt, kers, laurier en eucalyptus voor bij de anec.
Nodig (deze keer voor twee personen)
4 dunne preien
1 grote eendenborst
1 klein blikje eendenlever (Comtesse du Barry)
peterselie
amandelschaafsel
3 tenen knoflook
1 eetlepel zure room
Maldon gerookt zout
peper
grof zeezout
citroensap
EV olijfolie.
Bereiding:
Snijd de preien in de lengte in en was ze onder de kraan. Leg ze op de hete barbecue of als dat niet kan in de vlammen van je gasfornuis, totdat de buitenkant goed geblakerd is. Pak de geblakerde prei in aluminiumfolie en leg apart. Hak de knoflook, amandel en peterselie goed fijn en roer door elkaar. Meng het blikje eendenlever met een snufje peper en zure room door elkaar en draai er balletjes van. Rol deze door het mengsel van amandel, knoflook en peterselie. Zet even in de vriezer om op te stijven.
Maak inkepingen in de huid van de eendenborst en bestrooi deze met zeezout. Grill de eendenborst op de huid op de barbecue of grillpan. Draai om en rooster de borst kort aan de andere kant. Laat even rusten voor je hem aansnijdt.
Haal de preien uit de folie en pel ze. Snijd de preien in stukken van 2 à 3 cm. Leg op twee borden en sprenkel wat olijfolie en citroensap. Een draai zwarte peper en wat gerookt zeezout van Maldon maken het af. Snijd de gegrilde eendenborst in dunne plakken en leg deze op het bord. Garneer het gerecht met de eerder gemaakte eendenleverbonbons.
Menja saborós!
En ze deed het, Edwin Winkels (ISBN 9789492037756) is een uitgave van Brandt en verschijnt in mei 2018. Het kost € 18,50.



Reacties
Een reactie posten