Gastblogger Lizet Kruyff over nette tenten.
Gastblogger Lizet Kruyff vertelt vandaag het verhaal over nette tenten in het Haagje van eind negentiende, begin twintigste eeuw. Lizet is een verwoed historica, die overal de archieven induikt om te speuren naar leuke en lekkere weetjes. Vaak heel mooie trouvailles, zoals in Rijntjes Keukengeheimen, dat Lizet schreef, omdat zij gefascineerd was door het kookschrift van keukenmeid Rijntje uit 1840. In Puntneuzen en Kersenpitten neemt Lizet je mee naar het Den Bosch van begin 16e eeuw. Wat aten de stedelingen en Jeroen Bosch? Aan de hand van brieven en liedteksten stelde Lizet Mozarts Menu samen. De Mozarts reisden heel wat af in de 18e eeuw en wat kwam er op tafel. Heerlijke boeken van deze schrijfster, die in Gereons Kookboekhoek staan. Maar nu is het woord aan Lizet. We gaan dansen en dineren in Den Haag.
Nette tenten
Waar ging je zo eind 19de- begin 20ste
eeuw in Den Haag uit eten? Waar kon je gezien worden? Waar kreeg je goed te eten?
Waar verkeerde je in het juiste gezelschap? Waar kon je als vrouw alleen ook
naar binnen zonder problemen? Eten op stand
buitenshuis was zo eenvoudig nog niet voor lieden van goeden huize.
Gelukkig bestaat er adviesliteratuur die jong en oud op het rechte pad houdt.
Restaurantbezoek is één van de onderwerpen die uitgebreid
behandeld wordt in het etiquetteboek Meneer van Netten, een boek over
wellevendheid voor iedereen. Deze opvoedende meisjesroman is van de hand van Marie
Koopmans en dateert uit de jaren twintig
van de vorige eeuw. Het gaat over een gezin van vader en moeder, een zoon en
twee dochters, grootvader Van Netten en de uitgebreide kennissenkring. Een toepasselijke
momentopname:
De dochters, 18 en begin 20 bezoeken Tweede Kerstdag lunchroom
Heck. ‘Zullen we wel? Als dames-alleen ’n restaurant binnen – hier in Den Haag en op zo’n feestdag?
‘Bij Heck kunnen we als dames wel gaan – daar komen er zo veel om te lunchen of
te tea-en. Ik ben er laatst nog met moeder geweest’. Dat geeft de doorslag.
Papa: ‘dat jullie dáár in die lunchroom gingen – ik houd
daar anders niet van, restaurants of dergelijke gelegenheden, zelfs niet voor
heren. Die eetzalen voor Jan en alleman heten ‘en vogue’ en voor zakenlui, zo ‘s
middags op een drafje? – ja, dán zal ik het niet zeggen. Maar ‘k vind het er
altijd zo, zo…. Je moet doorlopend
simuleren om geen derde– of vierdehands kennissen te zien. Zelfs als ’t een fijner
restaurant betreft, hoor je nog op te letten of je er wel voor ‘gekleed’ bent.;
Zoon die het priestergewaad draagt zegt: ‘Wij hoeven ‘s
avonds niet meer ’n smoking aan om naar het theater te gaan… om onze dames
later nog ’n warm souper bij Anjema te offreren. Toch maar gemakkelijk, zo’n
priesterpakje. Je kunt er overal mee komen.’
‘Nou ja – Anjema, dáár gaan moeder en ik ook nog wel eens
heen – dàt is ook wel dé gelegenheid – zo vlak bij tram en schouwburg’, stemt
vader toe. ‘Of Des Indes.’
Het voorkeurslijstje van de nazaten van Meneer van Netten
kan nog worden aangevuld. Behalve Des Indes, aan het Voorhout en Heck aan het
Spui (later Ruteck) konden mevrouw en dochters natuurlijk ook terecht Bij Krul
op het Noordeinde, waar ook koningin Wilhelmina genoot van taart en thee. De
naamgeving van deze nette tenten is vaak ‘modern’ Engels met lunchroom en
tearoom in plaats van Frans, alhoewel Patisserie J.A. Krul (zoon van de
oprichter) zich toch liever klassiek een ‘salon de rafraîchissements’ noemt.
Van de meeste hotels en restaurants uit de lange 19de
eeuw is het nodige terug te vinden. Zo niet van Anjema. Toch ken ik die naam
van rekeningen en aantekeningen die ik nodig heb voor mijn nieuwe boek. Jan
Anjema senior is namelijk de chef en later ook directeur in het etablissement
Van der Pijl aan het Plein pal tegenover sociëteit De Witte. (zie advertenties).
Bij Van der Pijl eet bonton Den Haag. Of men laat thuis bezorgen, want cateren
doet hij ook. Anjema senior overlijdt echter
al op 47-jarige leeftijd, waarna zijn vrouw het directeurschap van het
etablissement overneemt met goedkeuring van de raad van bestuur, haar zoon Jan
junior neemt de koksfunctie over. Later zal hij in een statig pand aan de Lange
Vijverberg zijn vleugels uitslaan.
Bij Van der Pijl en Anjema kon je in een apart zaaltje privé dineren. Daar maken diverse ministers ook dankbaar gebruik van. Je zat dus niet in de zaal tussen “jan en alleman”, maar je kon met mevrouw of belangrijke gasten je privacy waarborgen en van een uitstekend maal genieten in alle rust.
En zocht men eens vertier in Scheveningen, dan lonkte het
Casino (zie menukaart), dat ook
regelmatig op de aanwezigheid van de Koningin en haar gevolg kon rekenen. Ook daar werd een uitstekende maaltijd
geserveerd en kon je van een muzikale soirée genieten. Als vrouw alleen ging je
daar natuurlijk niet naar binnen. En al helemaal niet om te gokken.
Bij Van der Pijl en Anjema kon je in een apart zaaltje privé dineren. Daar maken diverse ministers ook dankbaar gebruik van. Je zat dus niet in de zaal tussen “jan en alleman”, maar je kon met mevrouw of belangrijke gasten je privacy waarborgen en van een uitstekend maal genieten in alle rust.
Maison Krul,
Noordeinde 42-46 – 1903 – 1970. Onder de cliëntèle bevinden zich koningin
Wilhelmina, dan nog prinses Juliana. Voor de opening van het Vredespaleis in
1907 bakken ze 2000 taartjes, schenken ze 200 kopjes chocolade met slagroom, 150
kopjes thee en 100 glazen limonade. In 1966 vervaardigen ze de bruidstaart voor
prinses Beatrix en prins Claus.
Dank je wel Lizet voor je leuke stuk!
Dank je wel Lizet voor je leuke stuk!







Reacties
Een reactie posten